Geschreven door Liesbeth Bernolet

Verslag panel perceptie en netwerk

 
 

“Nederlands is nog te veel de taal van het werk en te weinig die van het hart.” Met die uitspraak begon het panelgesprek over de versnipperde perceptie van Nederlands in Brussel en de toegankelijkheid van het Nederlandstalig netwerk. Laurence Mettewie (professor Taalkunde aan de Universiteit Namen), Eddy Frans (directeur vzw De Rand), Jan Hautekiet (radiomaker) en Rik Van Cauwelaert (journalist en opiniemaker) gingen met elkaar in gesprek.

Bekijk onderaan de Graphic Recording die Visuality maakte.

“Jongeren associëren Nederlands heel erg met de kans op een succesvolle carrière,” legt Laurence Mettewie (UNamen) uit. “Nederlands wordt veel minder geassocieerd met wat je er buiten het werk mee kan doen,” vervolgt ze. “Terwijl dat net één van de troeven is,” vindt journalist Rik Van Cauwelaert: “de Nederlandstalige culturele aanwezigheid in Brussel is groter dan de Waalse. Franstalige kunstenaars trekken van zodra ze kunnen naar Parijs, Nederlandstalige artiesten zoeken hun weg in Brussel,” legt Van Cauwelaert uit. “Die rijke Nederlandstalige cultuur is een troef.”

“Dat cultureel aanbod en bij uitbreiding het Nederlandstalig netwerk zijn de toegangspoort tot Nederlands,” vindt Eddy Frans van vzw De Rand. “Iedereen is welkom in dat netwerk, maar er zijn wel expliciete en impliciete verwachtingen naar Nederlands toe. Zo gaan wij bij vzw De Rand wel viertalig communiceren, maar blijft Nederlands de prioritaire taal,” legt hij uit. Volgens radiomaker Jan Hautekiet is dit de goede manier en is het ook een kwestie van wat een cultuurhuis of gemeenschapscentrum aanbiedt: “Met het aanbod moet je ook de niet-Nederlandstaligen kunnen verleiden. Een niet-talig cultureel aanbod kan daarbij helpen.”

Media
Tijdens het traject van Model NL weerklonk ook de oproep aan de media om meer aandacht te hebben voor Brussel en de stad daarbij ook positief te belichten. “Er zijn stappen gezet,” aldus Rik Van Cauwelaert, “waar redacties vroeger eentalig waren, merk ik nu echt een verbetering. Bij Le Vif is iedereen tweetalig en ook bij de RTBF en Le Soir doet men inspanningen en toont men belangstelling voor Vlaanderen.” Toch moeten er nog meer bruggen gebouwd worden, vindt Laurence Mettewie: “het zou toch geweldig zijn dat het programma rond Franse chanson dat Jan Hautekiet presenteert op Klara ook op de RTBF zou worden uitgezonden,” suggereert ze.

Of perceptie ook een kwestie is van voldoende rolmodellen, vroegen we ons af? “Mensen zoals Zwangere Guy en zijn Stikstof of Vincent Kompany zijn er of zijn er niet. Die maak je niet zelf,” aldus Jan Hautekiet. “Maar misschien zijn we zelf nog te veel taalpurist en daardoor te streng voor sommige mogelijke rolmodellen,” voegt hij er aan toe.

Gastvrijheid
Laurence Mettewie vindt het jammer dat je je anno 2019 nog altijd moet bekennen tot ofwel de Vlaamse ofwel de Franstalige gemeenschap. Dat beïnvloedt je identiteit en je perceptie, zegt ze: “Omdat we een talig geslacht moeten kiezen, kunnen we niet tweetalig zijn. Terwijl veel jongeren in meerdere talen functioneren. Ik stapte op de tram en hoorde een meisje dat tijdens één gesprek drie talen sprak. Ik wil echt een pleidooi houden voor een Brusselse identiteit en werkelijkheid,” besluit ze. “Meertalig, ja, maar ook méér talig,” roept Eddy Frans op. “Er moet in de samenleving en in het onderwijs meer aandacht zijn voor talen. Gastvrijheid is erg belangrijk, voor het Nederlands, maar ook voor de perceptie,” legt hij uit.

“Die gastvrijheid is inderdaad erg belangrijk,” zegt Jan Hautekiet, “maar zelf moeten we het Nederlands ook blijven gebruiken. We schakelen te snel over naar een andere taal.” Dat mixen van talen is de toekomst, denkt Laurence Mettewie: “switchen tussen talen is nu al een feit in Brussel en dat zal alleen maar toenemen,” klinkt het. Nederlands zal daarbij altijd een plek blijven krijgen, weet Rik Van Cauwelaert: “Ook al neemt het gemengd taalgebruik toe, er is het Nederlandstalig onderwijs en het feit dat de Nederlandstalige culturele aanwezigheid in Brussel veel groter is dan de Waalse. Dat is onze troef,” zegt hij. “Ook ik kijk de toekomst positief tegemoet,” antwoordt Eddy Frans, “het gebruik van Nederlands neemt toe binnen een veelkleurig palet, een erg diverse samenleving. Dat is niet slecht,” besluit hij.

:: Deze conclusies en alle andere bedenkingen, ideeën, oproepen en suggesties worden door het Huis van het Nederlands verwerkt in een charter dat de komende maanden wordt voorgesteld.

 
 
Evenementen Model NL